landschap

‘Het landschap, de mensen’ besproken in NRC ••••


NRC waardeert Het landschap, de mensen van Auke van der Woud met vier ballen. Volgens recensent Bernard Hulsman gaat Van der Woud ‘net als in zijn voorgaande boeken (…) weer een aantal Nederlandse mythes te lijf’, in dit geval ‘zijn het clichés over het volkskarakter en het poldermodel die het moeten ontgelden.’ Volgens Hulsman sluit Het landschap, de mensen ‘aan op de reeks magistrale cultuurstudies die hij de afgelopen twee decennia schreef over de snelle en radicale veranderingen die Nederland in de tweede helft van de 19de  eeuw doormaakte’.


Over Het landschap, de mensen. Nederland 1850 – 1940:

Na 1850 begon de campagne om het Nederlandse landschap te verbeteren. De onafzienbare heidevelden, zandverstuivingen en moerassen in Noord-Brabant, Gelderland, Overijssel, Drenthe en Friesland werden kleiner en in landbouwgrond veranderd. Na 1900 werden natte akkers en weilanden drooggemaakt, duizenden kilometer meanderende rivieren en beken werden rechtgetrokken. Rond 1940 werd geschreven dat het Nederlandse landschap mooier was geworden, ‘echt volgens ons eigen ideaal, alles netjes in laatjes en vakjes’. Het landschap was productiever gemaakt.

De mensen die er woonden en werkten hadden zich aangepast. De nieuwe rationele omgeving kon immers niet met bijgeloof en ouderwetse tradities worden bewerkt. Productiviteit vereiste gehoorzaamheid aan de moderne leefregels die vanuit de grote steden over het platteland werden verbreid: in efficiëntie geloven, weten dat tijd geld is. Dit rijk geïllustreerde boek vertelt hoe we het landschap leerden exploiteren. Het dichtbevolkte piepkleine Nederland, na Amerika uiteindelijk toch de grootste exporteur van landbouwproducten ter wereld.


Auke van der Woud (1947) studeerde kunstgeschiedenis en archeologie en was ruim twintig jaar in Amsterdam en Groningen hoogleraar architectuur- en stedenbouwgeschiedenis. Hij voelt zich als schrijver cultuurhistoricus.

Hij publiceerde onder meer Het lege landDe ruimtelijke orde van Nederland 1798-1848 (1987), Waarheid en karakter. Het debat over de bouwkunst 1840-1900 (1997), Een nieuwe wereld (Libris Geschiedenis Prijs 2007), Koninkrijk vol sloppen (2010) en De nieuwe mens (2015).
Van der Woud ontving in 2007 voor Een nieuwe wereld de Libris Geschiedenis Prijs (toen nog Het Beste Geschiedenisboek geheten). Koninkrijk vol sloppen en De nieuwe mens werden beide genomineerd voor de Libris Geschiedenis Prijs.

In 2010 kreeg Van der Woud de Grote Rotterdam-Maaskantprijs voor zijn ‘excellente oeuvre dat het denken over de negentiende eeuw verdiept, (…) met een literaire stijl die men zelden in de wetenschap tegenkomt’.