Minnaar tegen elke prijs
Nog niet verschenen, reserveer een exemplaar
Beschikbaar op 31-03-2026
Uit Minnaar tegen elke prijs:
‘Dit is geen dagboek, waarde lezer na mijn dood, alleen een pense-bête, uitsluitend als voedingsbodem bedoeld.’
‘Ik had haar gezegd dat zij gestraft moest worden, in kut en gezicht, omdat zij gezondigd had.’
‘Alles wordt uitgepraat. Zij heeft de hele winter een verhouding gehad met Francis Lai. Eén of twee keer in de week wordt er genaaid.’
‘Waarom hang ik mijn leven zo aan iemand anders vast? Zo kinderlijk. Kwetsuren van vroeger?’
‘Ik wil zien hoe het stukloopt, haar zien in haar détresse, haar folie.’
‘Het zit er dik in dat zij nu Trintignant als aflosser neemt. Vadim kwam ook weer opduiken. Als snuffelende honden zijn ze.’
Niet vaak is de teloorgang van een liefde zo genadeloos te boek gesteld.
Op 13 oktober 1975 begon Hugo Claus aan een dagboek, waarin hij zijn ontsporende liefdesrelatie met Sylvia Kristel beschreef. Na het succes van Sylvia in de softpornofilm Emmanuelle was het paar naar Parijs verhuisd. Daar had Sylvia hem opgebiecht een affaire te hebben gehad met haar tegenspeler, Umberto Orsini.
Claus beschouwde het als onvergeeflijk verraad en besloot onmiddellijk het verhaal van haar ontrouw minutieus vast te leggen. Het zou de stof moeten vormen voor een nieuwe roman. Het werd een rauw, wrokkig, soms ontluisterend relaas. Tot in de pijnlijke details beschrijft hij haar bedrog en haar vele affaires. Maar hij geselt ook zichzelf: zijn ziekelijke jaloezie en zijn, ondanks alles, niet-aflatende seksuele honger.
Claus’ taal is aards en trefzeker. We zien een schrijver aan het werk die zijn materiaal kneedt, maar waarbij de schrijver het steeds weer verliest van de gekrenkte minnaar.
Met een nawoord van Erwin Mortier
Hugo Maurice Julien Claus (1929-2008), dichter, schrijver, kunstschilder, filmmaker, is de meest bekroonde auteur uit het Nederlandse taalgebied.
‘De grootste schrijver van mijn generatie.’
Remco Campert
‘Ik vind Hugo Claus het allerbelangrijkste literaire fenomeen ooit in onze letteren.’
Tom Lanoye
‘Hij heeft een soort ongelooflijk onbeschaamde directheid, bij alles wat hij schrijft. Dat bewonder ik ontzettend.’
Kees Fens