Informatie

Vrouwen gaan niet vreemd

Wednesday Martin
Omvang
400 p.
Druk
1
Verschenen
25-10-18
Fonds
P - Vertaalde non-fictie


Al sinds mensenheugenis fascineert de overspelige vrouw ons, alsof ze een wild, exotisch dier is. Ze beheerst Griekse tragedies en moderne roddelbladen, burleske speelfilms en de nieuwste Netflix-series. Maar waarom fascineert en verrast de seksueel vrije vrouw ons zo? En waarom blijven we, zeker nu de eeuw van de vrijgevochten vrouw is aangebroken, zoveel harder oordelen over seksueel vrije vrouwen?
De mythe van de kuise vrouw en jagende man is eeuwenoud. Maar het zijn niet de mannen, maar de vrouwen die het meest met monogamie blijken te worstelen. In Vrouwen gaan niet vreemd laat schrijfster en socioloog Wednesday Martin zien hoe de vrouwelijke seksualiteit nu echt in elkaar zit. Met persoonlijke verhalen, gedragswetenschap, cultuurkritiek en inzichten uit de seksuologie, primatologie en antropologie haalt ze de mythe van de kuise vrouw onderuit.

Wednesday Martin
doceerde cultuurwetenschappen aan Yale en The New School for Social Research en schreef voor onder andere The New York Times, The Atlantic en The Daily Beast. Haar boek Primaten van Park Avenue (2015) kwam direct op nummer 1 op de New York Times-bestsellerlijst.

‘Een uitmuntend leesbaar werk over de leugens die de maatschappij voorgeschoteld heeft gekregen over vrouwelijke seksualiteit, representatie en ontrouw. (…) De auteur excelleert in de unieke waarde van Vrouwen gaan niet vreemd.’
the atlantic

‘Zowel een sprankelende als een inhoudelijke reis door het vrouwelijke seksuele verlangen. (…) Een onmisbaar werk.’
kirkus reviews

Over Primaten van Park Avenue:

‘Vermakelijk, opmerkzaam en verrukkelijk kwaadaardig. (…) Martin geeft een kijkje in de beschaafde, maar krankzinnige wereld van de Upper East Side. Hoewel we de rijken vaak genoeg benijden, herinnert Primaten van Park Avenue ons aan het feit dat ook zij iedere dag moeten vechten voor hun plekje op de sociale ladder.’
the new york times book review

‘Vermakelijk en scherp. Een tragikomische rondleiding door deze aparte subcultuur.’
the economist