‘Schoonheidsdrift’ van Arie Storm besproken in De Groene Amsterdammer


Schoonheidsdrift van Arie Storm is gerecenseerd in De Groene Amsterdammer. Recensent Christiaan Weijts is zeer te spreken over de schrijfstijl van Storm:

‘Er is, welbeschouwd, geen touw aan vast te knopen, en het fascinerende is dat dit weinig uitmaakt voor het leesplezier. We zijn verdwaald maar niet verloren, omdat Storm zich manifesteert als een echte verteller, bij wie het vooral gaat om de manier waarop hij iets vertelt.’

Ook de komische aspecten van het verhaal dat zich zowel in Londen als op Terschelling afspeelt springen eruit, aldus Weijts. Volgens hem ‘verstaat Storm hier de kunst om alles de quasi-improviserende charme mee te geven van een terzijde’. De improviserende stijl van Storm doet denken aan een techniek van cabaretiers of aan Gerard Reve:

‘Storm is op z’n sterkst als hij op die manier zijn eigen soevereine ruimte opeist, niet meer zo bezig is met over zijn schouder kijken naar wie er allemaal kitsch schrijft, ijdeltuitig is of commercieel, als hij, kortom, niet reageert, maar zijn eigen grillen volgt. Zelfverzekerd, laconiek.’

Storm’s schrijfstijl ‘geeft een sensatie van vrijheid, zonder het gevoel in vormeloosheid te verzanden’. Weijts vat het in twee woorden samen: ‘het werkt’.

 

U leest dit artikel hier terug.


Over Schoonheidsdrift

De verteller van Schoonheidsdrift houdt zich al zijn leven lang hartstochtelijk bezig met literatuur. De herinnering aan een dierbare overleden vriendin zorgt ervoor dat zijn boeken en woorden hem niet langer troost geven, maar voor zijn ogen dwarrelen. Om aan zijn sombere gedachten te ontkomen, reist hij naar Londen, om precies te zijn naar Hampstead, de woonplaats van de door hem bewonderde negentiende-eeuwse dichter John Keats.

Maar zijn hotel kraakt en piept, en de gasten zijn op zijn zachtst gezegd merkwaardig. De verteller probeert te werken aan zijn komische roman die zich afspeelt op Terschelling, maar het schrijven is niet bevorderlijk voor zijn welzijn. Hoe kan het dat de gasten van het hotel over Keats praten alsof hij nog in leven is? Waarom staat Keats zelfs in levenden lijve voor hem als hij zijn schrijversvriend Alan Hollinghurst opzoekt? En waarom moet de verteller ineens aan Menno Wigman denken?

In Schoonheidsdrift verbindt Arie Storm op aangrijpende en geestige wijze twee steden en twee tijden met elkaar – Amsterdam en Londen, het begin van de negentiende en van de eenentwintigste eeuw. Proza wordt poëzie en poëzie wordt proza.


Arie Storm schreef met Schoonheidsdrift zijn twaalfde roman. Zijn vorige boeken, List en leed en Het horrortheater van de Nederlandse literatuur, verschenen in 2019 en werden alom geprezen.